Azul y Garanza van het piepjonge, aanstekelijk enthousiaste (oenologen)koppel Dani Sánchez Nógue en María Barrena. Zij nemen, met stages in Australië, Bourgogne, Priorat en Zuid-Afrika in de rugzak, in 2000 de wijngaarden (400m hoogte, rond Carcastillo) van Maria’s vader over en kopen voor een habbekrats de (verlaten) bodega van de coöperatie. Ze kiezen voor biologische wijnbouw. Succes laat niet lang op zich wachten. In de Spaanse pers worden ze al snel tot meest veelbelovende bodega uitgeroepen, hun rosado (rosé) tot beste van de streek, de rode wijnen scoren hoger dan menig drie keer zo dure priorat en ribera del duero. |